Manuscript geschreven in de gevangenis te Leuven op 3 februari 1943

 

Copyright Alice Holemans, NAIS – Vrouwen tegen Fascisme/Racisme, Antwerpen

maart 2017

  Zo ongeveer vier decades geleden stonden wij op de barricaden tegen een onrechtvaardige huurwetgeving, tegen uitbuiting van de dokwerkers en hun onveilige werksituatie, tegen uitbuiting van de gewone mens, tegen het kapitalisme en vooral tegen het fascisme/racisme. Wij voerden actie en kwamen de straten op tegen VMO, Voorpost, Were Di en consoorten

Een der verschillen tussen ‘toen’ en ‘nu’ was dat er zich in onze rangen nog kameraden bevonden die met beide voeten in het verzet gestaan hadden, in de gevangenis opgesloten werden en het nog konden navertellen.

Na een tamelijk woelige betoging kreeg ik van een oude antifascist een vaalgroen ‘cahier-ke’ in de hand gedrukt. ”Hier, voor jou, ik heb het niet meer nodig,  je kan er mee doen wat je wil.”

Hij vertelde er nog bij dat sommige van de namen die er in voorkwamen codenamen waren.

Veertig drukke jaren vlogen voorbij en het cahier geraakte ergens op zolder.

Ik had het druk, druk, druk!

De oude verzetsman is ondertussen reeds lang overleden.

Toch bleef het steeds in mijn achterhoofd knagen dat “ik er nog iets mee moet doen!”

Onlangs bij het opruimen van kasten kwam het terug te voorschijn, in lamentabele toestand weliswaar. Ik heb de flarden bijeengepuzzeld en besloten de tekst te publiceren. De vaalgroene kleur is ondertussen nog valer geworden, het papier dunner,  gerafelder en bruiner. De tekst is op sommige plaatsen moeilijk te ontcijferen.

Het manuscript is 74 jaar geleden geschreven, en uiteraard in de oude spelling, soms met fouten in "'t vlaamsch, fransch en duitsch" waarvoor de auteur zich in zijn voorwoord verontschuldigd.

Ik weet niet wie de auteur was die tekende met Rethij, Ik weet ook niet of de personages Pit, Jean en Albert Laroi al dan niet fictief zijn, of het hun codenamen zijn of hun werkelijke namen. Soms praat hij over "hen", dan gaat hij over in "ons". Wanneer hij de emoties over de nakende terechtstelling beschrijft wordt zijn nette handschrift verwarder, emotioneler.

Ik weet niet hoe het hen verder vergaan is.

Wel weet ik dat er honderden Pit's, Jean's en Albert's in de gevangenissen vernederd, gemarteld en gedood werden omdat zij zich durfden verzetten tegen de onmenselijkheid van het fascisme. 

Hun strijd is niet uitgestreden. De strijd die zij begonnen moet verder gezet worden door ons.

Het verzet tegen fascisme en oorlog moet verdergaan. Velen zijn ons reeds voorgegaan, nog vele anderen zullen volgen.

Zolang de wapenhandelaars niet gestopt worden blijven oorlogen --die op hun beurt terrorisme creëren-- woeden. En, wij kunnen 'wakes' houden en bloemen en kaarsen neerplanten tot we blauw zien, terwijl terzelfdertijd over de hele wereld mensen gefolterd, gedood en kinderen aan flarden geschoten worden.

De wapenhandel zal blijven floreren en terroristen baren en de profiteurs blijven hun winsten binnenrijven onder het welwillend toezicht van fascistische regeringen.

 

Fascismus Niemals Wieder!  

A.Holemans - Vrouwen Tegen Fascisme/Racisme

Opgedragen aan alle Pit's, Jean's, Albert's ter wereld.


Klik op afbeeldingen om te vergroten.

Op het omslag, in potlood geschreven, bovenaan:

Een dag en een nacht St. Gilles

Militaire en burgerlijke geïnterneerden

(getekend) Rethij (Codenaam?)

 

Onderaan schuin, later aangebracht met balpen, zelfde geschrift :

Gedaan in de Gevangenis te Leuven. Gildenaakse Vest

Op 3 Februari 1943

 

     De Schrijfmachine

                 _ _

      Het is een waarheid, dat elke uitvinding die (gedaan) is, vóór zij ten dienste der mensheid beschikbaar gesteld wordt, eerst gewikt en gewogen is door oorlogsmakelaars, die grondig nagaan of er niets in te vinden is dat zou kunnen dienst doen voor het oorlogsdoel.

Het is ook een waarheid dat de duitschers alles wat zij gebruiken, om hun oorlog mee te voeren, zoo schrikwekkend en angstaanjagend mogelijk maken. Het is ons bekend, als er soms eens een duitsch is die een menschelijk gezicht op heeft, dadelijk een demon word als hij zijn helm draagd. Daarbij het huilen hunner lieflijke stem, en bij de sterkst gezenuwde loopen koude rillingen door de leden, tenzij het russen zijn, Hm.

Alsof vliegtuigen, geladen met bommen boven uw hoofd hooren ronken op zichzelf nog niet ijzingwekkend genoeg is, hebben zij hun vermaarde stuka's nog bedeeld met een geloei dat zelfs de ijzeren telegraafpalen doed sidderen. Kortom ik...(doorgeschrapt) zou niet een oorlogstuig kunnen noemen, dat niet nog schrikkelijker gemaakt is door er een Duitsche mentaliteit aan te geven.

Ikzelf ben niet moediger, of heb niet meer zenuwen dan een ander en ik heb geijzeld als de stuka's loeiden, ik heb pal gestaan als ik hun tanks zag aansnorren,  ik heb gebeefd van hun kanonnen, en met weerzin heb ik altijd hun griezelig figuur gadegeslaan. Maar ik heb nooit kunnen denken dat het vreedzame tikken van een schrijfmachine, beklopt door duitsche handen, mij de hare